verslag

KUNST,MEDIA, TECHNOLOGIE, GAMES & DESIGN

TWEE NEDERLANDSE & TWEE VLAAMSE HOGESCHOLEN OVER WERKEN MET CROSS-OVERS EN EXTERNE PARTNERS

Verslag

BAM, instituut voor beeldende, audiovisuele en mediakunst, Vlaanderen en Virtueel Platform, Nederland nodigden op 20 maart 2009 twee Nederlandse en twee Vlaamse hogescholen uit. De cross-over vond plaats in het kader van nieuwe media festival Victorian Circus in De Brakke Grond. Vier opleidingen in het domein van kunst, media, technologie, games en design voerden een grensoverschrijdend gesprek.
Liesbeth Huybrechts  van Communicatie- en MultimediaDesign van de Media & Design Academie Genk, Koen Samyn van Digital Arts & Entertainment van HOWEST Kortrijk, Ian Ginn van het Transmedia Lab van de faculteit Media, Creatie en Informatie van de Hogeschool van Amsterdam en Eric Holtman van Xchange van de Faculteit Kunst, Media & Technologie, HKU Utrecht presenteerden hun projectwerking met externen. Er werd ingegaan op het tot stand komen, de werkwijze en de meerwaarde van de samenwerking van studenten en docenten met externen. Klaas Kuitenbrouwer, programmamanager van het Virtueel Platform, modereerde het open gesprek.


Vier hogescholen met verschillende ontstaansgeschiedenis, studentenprofielen, schaal en organisatie presenteren hun werking


De Communicatie- en MultimediaDesign opleiding van de Media & Design Academie Genk werd opgericht na een studie door Vlaanderen, Nederland en Duitsland. De C-md student moest een hub tussen business, technologie en mediaspecialisten worden. C-md werd een academische master binnen het kunstonderwijs. Vandaag is de C-mder een hub gebleven tussen nieuwe media, design en maatschappij, die disciplines, methoden en media combineert om aan de complexiteit van de hedendaagse samenleving te beantwoorden. Binnen de onderzoeksgroep Experiency onderzoekt C-md hoe ervaringen door mediadesign opgeroepen of gewijzigd kunnen worden. Design wordt ingezet voor maatschappelijke en sociale verandering. De experience design benadering van C-md stimuleert studenten om 'vreemd te gaan': dit slaat op het werken buiten de eigen discipline, maar ook op een houding om het gewone als ongewoon en het ongewone als gewoon te benaderen.

De faculteit Media, Creatie en Informatie van de Hogeschool van Amsterdam werd recent gevormd door vijf instituten - AMFI Amsterdam Fashion Institute, Instituut voor Informatica, Instituut voor Information Engineering, Instituut voor Interactieve Media en Instituut voor Media & Informatie Management - te fuseren. De opleiding valt buiten het kunstonderwijs, dus studenten worden niet op voorhand geselecteerd. Door de fusie gaat het om ongeveer 8000 studenten. In de voormalige instituten bestonden verschillende samenwerkingsverbanden met de industrie. Dit alles wordt nu samengebracht in Transmedia Lab. Transmedia Lab herbergt MediaLAB Amsterdam en een onderzoeksgroep die nauw samenwerkt met professionals uit het mediaveld, de industrie, andere onderzoekscentra en studenten. MediaLAB is een interdisciplinaire plek waar onderzoekers  en studenten uit het hoger en academisch onderwijs nagaan hoe digitale interactieve ontwerpen kunnen bijdragen aan innovatieve toepassingen voor de publieke en private sector.

Digital Arts & Entertainment van de HOWEST
in Kortrijk werd in 2006 opgericht naar aanleiding van de wereldwijde groei van de gamesector en de vraag naar professioneel opgeleide werkkrachten. In plaats van voor een uitgesproken artiestenprofiel of uitgesproken technisch profiel te kiezen leidt DAE technical artists op. Technical artists verenigen 3D en artistieke vaardigheden met technische capaciteiten, maar in de modules mogen de studenten hun rol kiezen: grafisch ontwerp of programmeren. Zo kunnen studenten zien wat hun ligt en hun richting vinden. Studenten leren verschillende vaardigheden om visualisaties te maken om games te ontwikkelen. DAE is een professionele bachelor, de studenten worden opgeleid om een game onderdeel te kunnen ontwikkelen.

Aan de faculteit Kunst, Media & Technologie van de HKU in Utrecht worden de studenten opgeleid tot ontwerpers op het gebied van games, interactie, media en muziek. KMT is een kunstopleiding, dus studenten worden aan de poort geselecteerd. De studenten leren technologie betekenisvol in te zetten in een creatieve context. Het projectenbureau Xchange werft en ontvangt verzoeken van bedrijven en organisaties. Op dit moment volgt Xchange 120 projecten per jaar op. Hierdoor is een grote organisatiestructuur nodig. Xchange creëerde een begeleidingsschil om de studenten te begeleiden met begeleiders, een coördinator, tutor en een externe consultant. Daarnaast formuleerde Xchange drie kritische succesfactoren waaraan alle projecten getoetst worden. Een eerste is de specifieke gebruikerscontext: het moet om een reële opdracht gaan, zodat docenten en studenten er in geloven. De tweede factor is onderzoek, zonder onderzoek gaat het vaak niet over goede inhoud. De derde is ontwerpen: er moet iets gemaakt worden om het verschil te maken met universiteiten.

Werken met externe partners...


De verschillende scholen werken samen met externe partners, bedrijven, kunstenaars en instituten. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is dat de onderwijsinstelling moet zorgen dat de opdrachten ook creatieve vrijheid blijven bieden. De hogescholen vullen deze partnerships op verschillende manieren in. Zo maakt werken met externe opdrachtgevers integraal deel uit van de onderwijsprojecten van de HvA. Transmedia Lab werkt daarom samen met diverse partners vanuit gebieden met een sociale relevantie die bovendien een onderzoekstraditie hebben. Zo vermijden ze om louter in opdracht 'uit te voeren'. Het is eigen aan creatieve industrieën dat veel innovatie in kleine bedrijven plaatsvindt, maar deze hebben vaak niet de tijd om te gaan reflecteren. Daarom is Transmedia Lab ook echt voorstander van samenwerking met grote organisaties, zoals Shell en Unilever. Wanneer DAE met externen werkt, moet er ruimte zijn om eigen werkwijzen en invalshoeken in te bouwen. Als een bedrijf bijvoorbeeld een bepaalde technologie wil opleggen, gaat er meteen alarmbel af. DAE ontwikkelde het serious game Re: Pest samen met de preventieteam van Kortrijk en de hogeschool Katho die voor de psychologische en sociale aspecten zorgen. DAE leidt geen studenten op die van nul een game maken, wel mensen die een game onderdeel kunnen ontwikkelen. Daarom worden er in projecten externe domeinexperts betrokken. DAE laat de studenten ook aan wedstrijden zoals Microsoft Imagine Cup meedoen, studenten zijn soms nog meer gemotiveerd voor zulke opdrachten dan voor projecten met externe partners. Bij C-md ontstaat een samenwerking soms vanuit thematiek waar rond docenten willen werken, soms komt de vraag expliciet van externen. C-md interpreteert in de Experiency projecten de externe partners erg ruim, ook buiten het veld van technologie, media en de industrie. Eigen aan de opleiding is de nadruk op co-creatie, de mensen voor wie de studenten ontwerpen worden nauw  betrokken in het ontwerpproces. Zo gingen de studenten in Mijn ervaring samenwerken met ex-mijnwerkers, die als ervaringsdeskundigen deel uitmaakten van het ontwerpteam.

Disciplines overschrijden...


In de verschillende projectwerkingen is discipline-overschrijdende samenwerking opvallend.
C-md werkt binnen de Experiency projecten samen met de andere afdelingen binnen de Media & Design Academie, maar ook met heel andere disciplines, zoals bijvoorbeeld de gezondheidszorg en de horeca. Deze werkwijze stimuleert de studenten om stereotiepen te doorbreken en hun eigen werkwijze in vraag te stellen. De HKU studenten blijven tot en met het derde jaar nog binnen hun opleiding en medium werken, omdat ze dan nog moeten bijleren binnen hun vakgebied. Pas in het vierde jaar kan de zich student als specialist presenteren in een team en wordt er interdisciplinair gewerkt. Aan de HvA worden de studenten ook aangemoedigd om intensief in multidisciplinaire teams te werken. In het project Urban projection wordt de stedelijke architectuur gebruikt om content op te projecteren. Hierbij gaan sommige studenten de technologie uitwerken, anderen het meer artistieke luik.

Concurrentie met net-afgestudeerden?


De hogescholen gaan zich zo positioneren dat de samenwerking met externen niet voor concurrentie met net-afgestudeerden in dezelfde markt zorgt. In sommige samenwerkingen verwachten externe partners echter duidelijke 'deliverables'. De scholen hanteren dan ook verschillende strategieën om de opdrachtgevers en studenten te beschermen tegen het falen van een project.
Zo stuurt DAE te resultaatgerichte, commerciële opdrachten systematisch door naar andere bedrijven en in de toekomst naar afgestudeerden. Bij DAE krijgen de externe partners een demo, zo is er geen strikte resultaatsverbintenis. In het tweede jaar moeten studenten nog kunnen falen, maar ook nog aan interessante stageplaatsen geraken. C-md biedt in de samenwerking met externen geen afgelijnde producten aan. Externe partners komen naar C-md voor het proces, de ideeën en inspiratie. Zo werkten ze in het project Hybride stad bijvoorbeeld samen met een erfgoedorganisatie, die nieuwe media wou integreren om het erfgoed van de stad aan een ander publiek te promoten. Externe partners met heel concrete opdrachten worden doorverwezen naar alumni. Sommige projecten krijgen wel een meer concrete uitwerkingen door na een project professionele ontwerpers te betrekken. Transmedia Lab werkt wel met duidelijk omlijnde deliverables en heeft een hele strategie om te zorgen dat de studenten voldoen aan de eisen van de partners. Ook bij HKU wordt er voor elk project een duidelijke deliverable bepaald. De studenten dienen een projectvoorstel in en Xchange beslist of het project er door kan. HKU geeft zijn externe partners een grote garantie, als het toch misloopt, worden alumni aangesproken die betaald worden door HKU zelf. Daar zorgt het projectenbureau Xchange voor, studenten en docenten komen er niet aan te pas. Daarnaast is Xchange professional de alumni werking van HKU, die projecten die buiten de doelstellingen van Xchange vallen, krijgen.

Financiële overeenkomsten met externe partners...


Naast de uitwerking van de deliverables zijn er verschillende houdingen tegenover een geldelijke overeenkomst in de projecten met externen. Bij DAE wordt er geen geld gevraagd om de studenten te beschermen. DAE gebruikt dan ook andere kanalen zoals het onderzoeksinstituut IBBT (Interdisciplinair instituut voor BreedBand Technologie). De projecten in de master C-md worden eerder opgevat als partnerships waarin samen ontworpen wordt. Externe partners met een concrete vraag worden wel gevraagd mee te betalen voor het project, bijvoorbeeld via eigen verworven subsidies. In de eerste twee bachelor jaren zijn de projecten meer oplossingsgericht, maar er wordt geen geld voor gevraagd. HKU vindt de keuze om geld uit externe samenwerkingen te halen optimaal, zo kan je je eigen onderwijs beter definiëren, een eigen richting uitstippelen. Bij HKU zijn de samenwerkingen met externen allemaal betaald. De studenten beheren zelf hun budget ben worden daarbij gecoached door Xchange. Toch betekent dit niet dat HKU zomaar voor de markt gaat werken. Zo gingen studenten bijvoorbeeld de Aibo interface opnieuw programmeren om in de zorgsector in te zetten. Twee KHU oud-studenten, Sander Oskamp en Niek Kok, presenteerden hun afstudeerproject in het kader van het Privacy project van de VPRO. Ze onderzochten naar de waarde van een online identiteit door iemand zogezegd 30 dagen op te sluiten met alleen internet. De mensen hadden niet door dat het nep was, ondanks dubieuze filmfragmenten die ze toonden. Dit was een project waarbij de VPRO goed betaalt, maar waarbij het project nog autonoom oogt en bovendien grensverleggend is. Toch is het niet de taak van een opleiding om te ondernemen, alles draait om onderwijs, elke beslissing wordt daar aan getoetst. Ook bij Transmedia Lab wordt gesteld dat geld een onderdeel van onze wereld is en dat studenten er mee moeten leren omgaan. Een eigen project kunnen definiëren en uitvoeren is dan ook belangrijk in de opleidingen.

Externe partner extra motivatie voor student


De vier hogescholen zien een grote meerwaarde in het samenwerken met externe partners. In de eerste plaats bieden externen de mogelijkheid om van 'echte situaties' te vertrekken. Het vertrekken van reële probleemstellingen hangt nauw samen met een tweede belangrijke meerwaarde, het feit dat werken met een externe opdrachtgever vaak extra motiverend kan zijn voor de studenten.
Transmedia Lab geeft als voorbeeld het project Play it forward waarbij de studenten een campagne uitwerkten om mensen naar een bestaande site te lokken. Ook bij de HKU is er een grote behoefte aan echte opdrachten zodat de studenten leren werken met een echt budget, deadlines en een bepaald afzetpodium. Een ander belangrijk neveneffect is dat het voor studenten ook een vorm van netwerken is. HKU wil studenten goede stageplaatsen en een garantie op een job kunnen bieden. De samenwerkingen die Xchange op poten zet, zijn dan ook sterk gefocust op werkveld en arbeidsmarkt. De C-md studenten leren dan weer observeren in het dagelijkse leven, geïnspireerd op methoden uit etnografisch onderzoek. In het project Mijn festijn werden de studenten letterlijk ondergedompeld in de lokale gemeenschap. Omdat gedrag vaak meer vertelt dan woorden, gingen ze mee koken, winkelen en eten met gastgezinnen. De echte situaties vormen voor C-md het uitgangspunt om de bevreemding op te zoeken. In het project Zorgeloos Wonen in de Ouderenzorg gingen de studenten mediadesign gebruiken om wonen voor ouderen meer zorgeloos te maken. Daarom gingen ze participeren in het leven van ouderen in een echt woon- en zorgcentrum. Eén van de externe partners hierbij was een theatergroep die in hetzelfde zorgcentrum een performance deed, waarbij bezoekers en studenten niet wisten wat de grens tussen realiteit en fictie was. Bevreemding is een goede motor voor innovatieve designoplossingen. Zo ontstond bijvoorbeeld Roots, een communicatietool dat tegemoet komt aan het kleinere sociale netwerk van ouderen. Feedback van de externen op de projecten is belangrijk, in het project Zorgeloos wonen werden de resultaten daarom tentoongesteld in het woon- en zorgcentrum zelf.

Vruchtbare wisselwerking


Samenwerken met externen wordt ook gezien als een goede manier om als educatieve instelling invloed te hebben op het designveld zelf en omgekeerd. Bij de HKU stellen ze dat door samen te werken met de industrie, de opleiding de markt voor een stuk zelf kan creëren. Met partners gaan ze samen dingen ontwikkelen, de partners hebben zo ook een invloed op het onderwijs. Bovendien is het belangrijk om te zorgen dat inspelen op nieuwe actuele dingen nog steeds kan. Het is niet mogelijk om de visie van een opleiding voor verschillende jaren vast te leggen, inspelen op actuele ontwikkelingen blijft broodnodig. Transmedia Lab werkt ook op deze manier. Zo is bijvoorbeeld multiplatform editorial van nieuws sterk in opkomst, Transmedia Lab is van  plan om hiervoor samen met de partners te gaan ontwikkelen. Met de mediaLabs probeert de opleiding de studenten in een zo professioneel mogelijke omgeving competenties te leren die zij later in het werkveld kunnen gebruiken. Aangezien het veld continu verandert, moet ook het onderwijscurriculum continu aangepast worden.

Blijvende professionele ondersteuning is noodzakelijk


De presentatie van de verschillende hogescholen toont het belang van een professionele ondersteuning bij externe projectwerking duidelijk aan. De professionele uitwerking van de externe projecten door Xchange bij HKU kan duidelijk een inspiratiebron zijn voor de andere opleidingen. Bij C-md vervult de externe projectwerking duidelijk de nood om samen met werken met hybride partners. Toch blijkt het niet altijd gemakkelijk om de verschillende doelen van onderwijs en externe partners op elkaar af te stemmen. Het opzetten van nieuwe samenwerkingen wordt steeds gemakkelijker, maar zorgen voor voortbestaan achteraf is moeilijker doordat er geen grote ondersteunende organisatie de docenten en onderzoekers bijstaat. Een van de problemen in de projectwerking bij DAE is dat de docent zelf een duidelijk aanspreekpunt is, maar dat bij de externe partners vaak erg veel betrokkenen zijn. Dit is niet eenvoudig om zonder organisatorische ondersteuning op te volgen. Maar ondanks de professionalisering van de projectwerking staat ook  de HKU steeds voor nieuwe uitdagingen. Zo was de blob een spelproject om aan het publiek uit te leggen hoe de stationsbuurt in Utrecht er uit zal zien. Plots werd Xchange geconfronteerd met een Amerikaans bedrijf dat het ontwerp wou kopen. Hier een goede regeling voor uitwerken is voor Xchange een volgende stap.

Toekomst


Door de verschillende schaal en aanpak van de twee Vlaamse en de twee Nederlandse hogescholen kwamen er in deze cross-over interessante inzichten over samenwerking met externen aan bod. Klaas Kluitenbrouwer sloot het gesprek af met de vraag waarop een volgende meeting zou moeten focussen. Zo stelt Liesbeth Huybrechts van C-md dat een debat over hoe hogescholen kunnen omgaan met copyright interessant kan zijn. In sommige samenwerkingen willen de technische partners niet dat hun technologie opengegooid wordt, wat dan soms tot moeilijke evenwichtsoefeningen leidt. Eric Holtman van Xchange stelde de vraag hoe hogescholen kunnen omgaan met het vermarkten van kennis en kunde? Een debat kan gaan over hoe de hogescholen zich moeten positioneren in vergelijking met universiteiten. Ian Ginn van het Transmedia Lab wil discussie over de betekenis van toegepast onderzoek en de manieren op dit te structureren en uit te werken in het hoger onderwijs. De vergelijking tussen Nederland en België, waar de academisering volop aan de gang is, kan hierbij interessant zijn. Koen Samyn van DAE stelde de vraag hoe hogescholen kunnen omgaan om met het opbouwen van kennis, zeker in het kader van nieuwe media opleidingen.

Verslag Sanne Jansen voor BAM

Info over de organisatoren en de verschillende opleidingen:

  • Communicatie- en MultimediaDesign (C-md), Media & Design Academie (België, Genk) - Klik hier voor contactinfo 
  • Digital Arts & Entertainment, HOWEST (België, Kortrijk)
    Klik hier voor contactinfo
  • Transmedia Lab,  de Hogeschool van Amsterdam (Amsterdam, Nederland)
  • Klik hier voor contactinfo 
  • Faculteit Kunst, Media & Technologie, HKU (Nederland, Utrecht)
    Klik hier voor contactinfo

  • BAM, Instituut voor beeldende, audiovisuele en mediakunst
    BAM is het Vlaams Steunpunt voor Beeldende, Audiovisuele en Mediakunst. BAM informeert, ondersteunt en stimuleert kunstenaars en organisaties. BAM focust op het aanbieden van kennis en informatie, documentatie, het stimuleren van dialoog, samenwerking en onderzoek.  Frequente nieuwsbrieven houden u op de hoogte van het nieuws over beeldende, audiovisuele en mediakunst.
    Bijlokekaai 7d, 9000 Gent, België - info@bamart.be - T: +32 9 267 90 66 - www.bamart.be

  • Virtueel Platform
    Sinds 1 januari 2009 is Virtueel Platform het sectorinstituut voor e-cultuur van Nederland. Virtueel Platform is een onafhankelijke stichting en wordt gesubsidieerd door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Virtueel Platform definieert e-cultuur als nieuwe ontwikkelingen in de cultuursector die voortkomen uit de kruisbestuiving tussen technologie en samenleving. Vanuit de overtuiging dat e-cultuur wezenlijk bijdraagt aan culturele, sociale en economische innovatie wil Virtueel Platform de Nederlandse e-cultuur in binnen-en buitenland versterken en ontwikkelen.
    info[at]virtueelplatform.nl - www.virtueelplatform.be - tel. +31 (0)20-6273758
    Damrak 70 - 6.54, 1012 LM Amsterdam