zoek

AUTEUR

Paul Depondt

Gerelateerde critici & essayisten

trefwoorden

Abu Dhabi is model voor nieuwe museumcultuur

04/11/2008

ABU DHABI IS MODEL VOOR NIEUWE MUSEUMCULTUUR
Elk kunstwerk is voortaan te koop

Nergens wordt ijveriger gewerkt aan een nieuwe globale museumcultuur dan in de rijkste oliestaat van de Verenigde Arabische Emiraten, in het 'droomland' Abu Dhabi. In nog geen tien jaar tijd worden op het Saadiyat Island vijf spectaculaire musea en negentien al even opmerkelijke biënnalepaviljoenen gebouwd. De 'culture boom' in de Arabische metropolis wordt door veel critici met argusogen bekeken. Abu Dhabi kan zich letterlijk alles veroorloven, elk kunstwerk is te koop. Nog nooit waren museumplannen zulke angstvallig verborgen staatsgeheimen. Wat gaat schuil achter die architecturale 'desert follies'? Waarom was de Franse president Sarkozy in het emiraat dat hét model wordt voor de nieuwe globale museale politiek?

Paul DEPONDT

In het oogverblindende Emirates Palace Hotel, waar de limousines voor de pompeuze ingang aanschuiven op het marmer, staan onder de gouden koepels van het immense paleis de maquettes van het 'Island of Happiness'. Op dat eiland verrijzen komende jaren gigantische dependances van het Louvre en het Guggenheim, een reusachtig Performing Arts Centre, een maritiem museum, het Sheikh Zayed National Museum - genoemd naar de eerste president van de Verenigde Arabische Emiraten, 'the father of the nation' - en een compleet Biënnalepark met negentien opzichtige paviljoenen.

Het eiland zal zeven districten tellen. Naast het Cultural District, met zijn opmerkelijke museumarchitectuur, wordt op het Saadiyat Island een paradijselijke stad gebouwd voor 150.000 inwoners, met hotels en shopping malls. Er wordt negen kilometer nieuw strand aangelegd. Het masterplan voor het nog onbewoonde eiland is bedacht door het ontwerpbureau Skidmore, Owings & Merrill. Op het 2700 hectare grote eiland, vijfhonderd meter voor de kust van Abu Dhabi, wordt gewerkt aan het meest luxueuze vakantieoord ter wereld onder het allesoverheersende en verleidelijke motto: 'Saadiyat is happiness'.

Kernbegrippen

In het masterplan staan zes kernbegrippen: Art, Family, Nature, Energy, Memory en Pleasure. Dat programma moet politici, investeerders, architecten, museumdirecteuren maar ook ecologische drukkingsgroepen overtuigen, want de megalomane plannen van de emiraten roepen veel weerstand op. Abu Dhabi spaart kosten noch moeite. De musea, theater- en concertzalen in het Cultural District zijn ontworpen door de meest vermaarde architecten. Frank Gehry ontwierp het Guggenheim van Abu Dhabi, het sensationele gebouw dat eigenlijk voor New York was gepland, op de zuidelijke punt van Manhattan. Na de septemberaanslagen van 2001 werden de plannen voor een nieuwe landmark opgeborgen. Onder een reusachtige paraplu bouwt Jean Nouvel het nieuwe Louvre, een soort cluster van zalen, pergola's, gangen, cellen en alkoven, een museale 'microcity' waar topstukken uit het Parijse Louvre zullen worden geëxposeerd.

Zaha Hadid tekende de plannen voor het kunstencentrum, een 62 meter hoge constructie met vijf theaters, een operahuis, een music hall, een theateracademie en een centrale theaterzaal voor meer dan zesduizend toeschouwers. Het maritiem museum komt, zoals ook de andere musea, aan de waterkant. Het wordt een heel bijzonder en lenig gebouw waarvoor Tadao Ando zich door de 'dhows' liet inspireren, de sierlijke Arabische koopvaardijschepen, maar tegelijk ook door zijn eigen traditionele Japanse zen-opvattingen.

Het Nationaal Museum Sheikh Zayed, volgens het masterplan 'een monument voor bespiegeling en kennisoverdracht' en de trots van de heersende familie Al Nahyan, is door het prestigieuze bureau van Lord Norman Foster ontworpen. En dat is lang niet alles. Negentien jonge architecten, uit de Verenigde Staten, Rusland, Korea, China en de Verenigde Arabische Emiraten, bouwen - verspreid over het eiland - negentien toplocaties voor de kunstbiënnale van Abu Dhabi.

Cultural Capital

De droom van Abu Dhabi, wat letterlijk 'land van de gazelle' betekent, begon in 1761: er werd een waterbron ontdekt. In 1958 vond men er voor het eerst olie. Het land, het grootste van de zeven Arabische emiraten, heeft bijna tien procent van 's werelds olievoorraad binnen zijn landsgrenzen en ruim vier procent van de gasreserves. Tot voor kort had de hoofdstad van de emiraten weinig interesse voor cultuur. Eigenlijk is Sharjah, het derde grootste emiraat, met zijn in 1995 geopende museum en zijn International Biennale of Contemporary Art, de culturele hoofdstad van de zeven Golfstaatjes. Tien jaar geleden werd Sharjah nog als de UNESCO Cultural Capital of the Arab World uitgeroepen. Nu heeft Abu Dhabi die ambitie.

Net als in Dubai kent ook hier de bouwwoede geen grenzen. In 2028, is halfweg april nog bekendgemaakt, krijgen de Verenigde Arabische Emiraten een compleet nieuwe hoofdstad. Het nabij Abu Dhabi gelegen Khalifa City zal worden ontwikkeld tot de belangrijkste stad van de oliestaat en gaat 4900 hectare meten, bijna twee keer de oppervlakte van het Saadiyat Island. In minder dan een kwart eeuw moet het inwonersaantal van ongeveer negenhonderdduizend inwoners stijgen tot drie miljoen. De ontwikkeling van de stad, waar alle ministeries en overheidsinstanties zullen worden gevestigd, maakt deel uit van het allesoverheersende masterplan Abu Dhabi 2030.

De Tourism Development & Investment Company (TDIC), die de tentoonstelling met de opzienbarende plannen en maquettes in het exuberante Emirates Palace Hotel organiseert, werkt koortsachtig aan een overweldigende 'image building'. We willen een 'world-class destination' zijn, zegt Mubarak Al-Muhairi, de directeur-generaal van de Abu Dhabi Tourism Authority en manager van de TDIC. "We openen een volledig nieuwe markt. Wanneer de musea opengaan, rond 2013, verwachten we jaarlijks een half miljoen bezoekers; vijf jaar later, wanneer het hele Saadiyat operationeel is, doorkruisen vermoedelijk elk jaar anderhalf miljoen buitenlanders het Cultural District."

Abu Dhabi pronkt met zijn 'global cultural calendar'. Het emiraat heeft, naast het tonen van de eigen kunstschatten, de ambitie een 'metropool voor de kunsten' te worden en heeft daartoe samenwerkingsakkoorden gesloten met het Louvre en de Guggenheim Foundation. In de filialen van deze musea zullen exposities worden georganiseerd met kunstwerken uit de Parijse en New Yorkse collecties. Volgens sommigen zullen straks dé topstukken uit de verzamelingen voor langere tijd naar het Luna Park van Abu Dhabi verhuizen. "Louter voor het entertainment", zeggen de tegenstanders, "om bruggen te slaan tussen alle culturen", luidt het bij de TDIC.

Big Bang

De plannen van de oliesjeiks, schrijft Béatrice Fontanel in het pas verschenen boek 'L'odyssée des musées', hebben een 'Big Bang' in de museumwereld veroorzaakt, een heftige polemiek tussen cultuurpessimisten en culturele globalisten, tussen conservatieve museumdirecteuren en modieuze curatoren. De voorgeschiedenis van die Big Bang is een onverkwikkelijk en weinig verheffend verhaal van erg ambitieuze museumdirecteuren. De onlangs teruggetreden directeur van het Guggenheim, Thomas Krens, heeft tijdens zijn museumbewind nieuwe filialen geopend in Bilbao, Berlijn en Las Vegas. Andere plannen zag hij door zijn al te grote voortvarendheid of door financiële beperkingen gedwarsboomd. Krens is een vurige verdediger van 'de marktwaarde van een collectie'. Hij gelooft in het label 'Guggenheim' en in de commerciële waarde van de Guggenheim Foundation. Hij blijft trouwens in dienst als 'supervisor' van het grote museumproject in Abu Dhabi.

Frankrijk voert al langer een soort 'verkoopspolitiek' van het culturele erfgoed. Vorige maand nog publiceerde Didier Rykner, een van de initiatiefnemers van een petitie tegen die museale handel, een onthutsend verslag over de machinaties in de coulissen van de Franse musea en het Franse ministerie van Cultuur. In 'Le spleen d'Apollon - Musées, fric et mondialisation' legt Rykner gedetailleerd uit hoe er op het allerhoogste niveau is onderhandeld over het prestigieuze Louvre-project in Abu Dhabi.

Nog voor het supercontract, dat de oliestaat met het Franse cultuurdepartement en het Louvre heeft gesloten over de tijdelijke overheveling van delen van de collectie naar Abu Dhabi, had het Louvre al kunstwerken tegen forse geldbedragen aan het High Museum of Art in Atlanta uitgeleend. Dat er geld gevraagd wordt, is naar museale gedragscodes ongebruikelijk en is ook een heel gevaarlijk precedent. Wie zal nog exposities met bijzondere stukken kunnen realiseren? Zal dit alleen weggelegd zijn voor rijke musea of voor kapitaalkrachtige kunstmakelaars? Zullen met andere woorden armlastige musea nog wel bruiklenen kunnen regelen?

Kunst en kernreactor

Nog dit jaar worden voor vier miljoen euro 130 topwerken uit de collectie van het Louvre uitgeleend aan een Italiaanse tentoonstellingsmakelaar voor een lucratief project in Verona. Volgens Rykner, die het hele museale schaakbord in beeld brengt, van het Louvre tot het Centre Pompidou, is die nieuwe Franse cultuurpolitiek in de grootste geheimhouding nog net voor de verkiezingen in allerlei nieuwe voorschriften vastgelegd. Op het allerhoogste niveau werd over het project in Abu Dhabi onderhandeld. In januari van dit jaar verbleef de Franse president Sarkozy in de villa van de emir van Abu Dhabi - 'un ami si généreux'. Frankrijk mag een permanente militaire basis bouwen in de Verenigde Arabische Emiraten en de regering heeft ook een contract getekend voor een civiel-nucleaire samenwerking en de levering van een kernreactor. In de museumwereld is een 'kwalijke doos van Pandora' geopend, meent Rykner: na het Louvre zullen ook andere Franse musea hun erfgoed te gelde maken door het uit te lenen. Nog nooit hebben politici op zo'n flagrante manier museale collecties als politieke pasmunt gebruikt.

 "Art is openness to the World", zegt Zaki Nusseibeh, topadviseur van sjeik Khalifa bin Zayed Al Nahyan, zoon en 'troonopvolger' van de in 2004 overleden 'stichter' van Abu Dhabi. Maar willen ze wel discussie? Willen de emiraten wel een open en kritische democratie? Zullen ze alle kunst tolereren? Hoe gaan ze om met hun buitenlandse werknemers die dat 'nieuwe paradijs' in de Golf aan het bouwen zijn? De oliestaat wil dependances van belangrijke westerse universiteiten, zoekt aansluiting met de meest gerenommeerde galeriehouders en curatoren, betaalt astronomische bedragen voor consult en cultureel management. Voor de invulling van het cultureel programma van het 'Island of Happiness' heeft de sjeik Charles Merewether aangetrokken, de internationaal bekende kunsthistoricus, curator en voormalig artistiek directeur van de Sydney Biennial 2006. Abu Dhabi wil, in het post-9/11-tijdperk, een soort verlicht 'mini-Switzerland of the Middle East' worden, schreef The New York Times. Het is ontegenzeggelijk zeker een van de 'dreamworlds of neoliberalism'.

Met dank aan de Mondriaan Stichting, het Prins Claus Fonds en BAM.