zoek

Reactie Chantal De Smet - Steun aan kunstenaars

24/01/2008

Reactie Chantal De Smet

Na het lezen van het verslag van de vier overlegmomenten over steun aan kunstenaars kwamen een aantal vragen en opmerkingen bij mij op. Hieronder formuleer ik even kort mijn bedenkingen bij beurzen aan kunstenaars, projectbeurzen voor organisaties en CultuurInvest.

Trajectbeurs
Zoals in het verslag wordt vermeld, zouden trajectbeurzen maximaal twee keer per kunstenaarscarrière kunnen worden toegekend. Het vraagt wat meer toelichting waarom er gekozen wordt voor twee keer per carrière, vermits er in principe slechts eenmaal een trajectbeurs kan worden toegekend 'als ondersteuning op een moment van doorbaak en ontwikkeling'.

Natuurlijk verloopt het traject van sommige kunstenaars in 'golven': na een eerste periode van doorbraak en ontwikkeling kan er een periode van stilte en luwte komen, die dan na een aantal jaren door een 'renouveau' gevolgd wordt. Daarom zou men een trajectbeurs inderdaad, in principe weze het uiterst uitzonderlijk, meermaals moeten kunnen toekennen, maar dan wel enkel op basis van een meer dan grondige motivatie én op voorwaarde dat er binnen en buiten de commissie een grote consensus over de noodzaak ervan bestaat.

Ook bij het aantal kunstenaars dat per jaar een trajectbeurs zou krijgen stel ik me vragen. Het verslag maakt vermelding van 'ongeveer drie kunstenaars' per jaar. 'Met dit nieuwe type beurs zou de kunstenaar [...] op een moment van doorbraak en ontwikkeling in zijn carrière een meerjarig traject van twee tot drie jaar kunnen voorstellen, in plaats van jaar na jaar subsidies aan te vragen.'
Wil dit zeggen dat elk jaar 3 kunstenaars worden uitgekozen die voor de komende 2-3 jaar een trajectbeurs krijgen? Op 3 jaar tijd zijn dat dan 9 kunstenaars die zo'n beurs krijgen.
Of is het de bedoeling dat drie kunstenaars gedurende een periode van 2-3 jaar een trajectbeurs zouden krijgen? In dat geval kunnen andere kunstenaars pas om de 2-3 jaar kans maken op een dergelijke beurs!

Ik denk dat het vooral belangrijk is om duidelijk te omschrijven wat die trajectbeurs precies inhoudt, en dan de commissie vrij te laten in haar advies. Daarbij zou men zich niet teveel mogen vastpinnen op vastgelegde quota die elk jaar ingevuld moeten worden. Het gevaar bestaat er immers in dat het aantal kwaliteitsvolle aanvragen per jaar wisselt: het ene jaar komt er misschien geen enkele aanvraag in aanmerking, het andere jaar misschien vier.

Een trajectbeurs zou mijns inziens, en in tegenstelling tot uw verslag, ook een 'all-in' beurs moeten zijn, waarin projectbeurzen en internationale ondersteuning vervat moeten zijn. Het is namelijk de bedoeling dat een kunstenaar die een trajectbeurs ontvangt samen met de commissie e.a. een traject uitstippelt dat onder meer ook bestaat uit projecten en internationale evenementen. Als een trajectbeurs geen ruimte zou bieden voor projecten en internationale evenementen, moet een kunstenaar telkens bijkomende projectbeurzen en internationale ondersteuning aanvragen. Hij/zij riskeert daarbij dat het geld al op is voor die bijkomende beurzen, en in dat geval mist zo'n trajectbeurs haar doel. De trajectbeurs zou een kunstenaar namelijk enkele jaren moeten ondersteunen zodat hij/zij er na die jaren ook effectief stáát. De aanvragen moeten dus uit een degelijk en grondig gemotiveerd dossier bestaan, en na de selectie zou er een duidelijk overleg moeten worden ontwikkeld tussen enerzijds de kunstenaar en anderzijds 'monitors' (een mix van kabinet, commissie, administratie en steunpunt).

Projectbeurzen
Er is m.i. wat verwarring over de projectbeurzen. In het verslag staat dat '[h]et tot voor kort stijgende aandeel van steun aan organisaties op de cultuurbegroting de kans [heel reëel maakte] dat de rechtstreekse overheidssteun aan kunstenaars zou worden teruggeschroefd. Vandaar dat een minimumpercentage dat de overheid dient te besteden aan projecten zou kunnen worden vastgelegd binnen de cultuurbegroting, bijvoorbeeld 10%.'
Er wordt hier impliciet gesteld dat het aantal projectbeurzen voor kunstenaars afhangt van de steun aan organisaties: is er meer steun aan organisaties, dan is er minder geld voor projectsubsidies aan kunstenaars.
Ik pleit er echter voor om de overheid aan te manen minimum 10% van al het geld dat voor organisaties voorzien is, te besteden aan projecten voor organisaties, en minimum 10% van al het geld dat voor kunstenaars voorzien is, te besteden aan projecten voor kunstenaars.
De reden is dat veel beginnende organisaties, organisaties die (nog) niet erkend zijn, hun werking uitbouwen aan de hand van projecten. Indien al het geld naar de erkende organisaties gaat, wordt groei in de sector moeilijk. Daarenboven zullen vele, kleine maar daarom niet minder boeiende initiatieven - initiatieven die overigens niet steeds de bedoeling hebben een continue en constante werking uit te bouwen - op die manier verdwijnen.
Idem dito voor de kunstenaars: het is niet omdat de commissie op een bepaald ogenblik geen ontwikkelingsgerichte beurs voor een kunstenaar wenst te adviseren, dat ze niet een of meerdere projecten van die kunstenaar zou wensen te ondersteunen.

Ontwikkelingsgerichte beurzen

Ook het minimumbedrag voor ondersteuning staat ter discussie. Enerzijds is een beurs van 3.500 of 5.000 Euro eerder bescheiden maar het kan toch ook een betekenisvolle stimulans zijn voor een startende kunstenaar. Anderzijds stelt de tekst dat er minimaal 10.000 Euro nodig is om zich een jaar te kunnen concentreren op het ontwikkelen van het oeuvre.

Als het minimumbedrag van een beurs zou worden opgetrokken naar 10.000 Euro, wil dat dan zeggen dat de huidige categorieën (beurzen van minder dan 8.000 Euro en beurzen groter dan 8.000 Euro) zouden vervallen? Of worden de sommen in die categorieën dan automatisch opgetrokken naar minder en meer dan bijvoorbeeld 10.000 Euro of 20.000 Euro?

Het probleem van het optrekken van de bedragen is dat je al snel in een systeem komt waarbij er steeds minder kunstenaars van een beurs zullen kunnen genieten (omdat die pot toch niet duizelingwekkend zal stijgen). En, startende kunstenaars kunnen met een beurs van 5.000 Euro ook degelijk worden ondersteund, en weten dat zeker te appreciëren. Daarom dat ik toch het systeem van kleine beurzen voor echt jonge kunstenaars in stand zou houden, maar daarbij nooit onder de 5.000 Euro zou gaan bijvoorbeeld.

CultuurInvest
Een laatste opmerking betreft CultuurInvest, dat ik nergens vermeld zie staan, terwijl dat toch ook een belangrijk kanaal zou moeten worden.
Kunstenaars die bijvoorbeeld via het commerciële circuit een plaats in de sector proberen te veroveren - of specifiek naar de markt gerichte producties wensen te maken - kunnen daarbij niet ondersteund worden binnen het Kunstendecreet, maar zouden hiervoor wel rechtstreeks beroep moeten kunnen doen op CultuurInvest. Dit moet in de eerste plaats met CultuurInvest zelf uitgepraat worden en dat kan enkel op basis van een degelijk dossier.

>>Terug naar dossier 'steun aan kunstenaars'