Kanttekeningen bij het artikel van de heer Robrecht Vanderbeeken in HART nr.71

21/10/2010

Extra kanttekeningen naar aanleiding van het artikel van Robrecht Vanderbeeken, docent mediakunst aan KASK in HART nr.71 van 30 september 2010.

Als steunpunt staan we heel open voor kritiek. We luisteren ernaar omdat we werken voor de sector en die sector kan en moet ons mee sturen.

Het voeren van collectieve informatie-, netwerk- en promotieacties zoals de E-Culture Fair (en zoals vele andere acties op andere festivals in andere disciplines) is steeds delicaat en voor kritiek vatbaar. Het mag nooit promotie worden voor regio's maar wel voor kunstenaars, de inhoud moet primeren in een format en context die soms vluchtig kunnen zijn en het faciliteren van duurzame contacten moet primeren op het oppervlakkig netwerken. Deze acties zijn altijd voor verbetering vatbaar en gefundeerde kritiek van deelnemers, bezoekers of pers kan daartoe bijdragen. Daarom doen we ook zelf enquêtes onder bezoekers om eruit te leren en kregen we ook van deelnemers nuttige tips en raad.
Echter, met een artikel vol fouten en verkeerde inschattingen dat niet gestoeld is op ook maar enige research, een hoop veronderstellingen die op geen enkel moment werden geverifieerd en zelfs niet eens gebaseerd is op een bezoek aan de fair zelf kunnen noch wij, noch de lezer iets aanvangen.

Dat is heel erg jammer onder andere omdat over de getoonde projecten veel gezegd kan worden wat bleek uit levendige discussies en feedback van de bezoekers. De makers kunnen deze gefundeerde kritiek gebruiken want ze zet aan tot nadenken en zelfreflectie en animeert tegelijk het kritisch debat. Aangezien de auteur de fair niet bezocht heeft, zegt het artikel van de heer Vanderbeeken spijtig genoeg dan ook niets over de projecten zelf en de inhoud van het event.

We kunnen alleen maar veronderstellen dat de schrijver ofwel heel slordig en onprofessioneel werkt, of dat het geschreven is vanuit een boosheid op organisaties zoals de onze, maar door een gebrek aan degelijke argumentatie en bronnenonderzoek enkel zichzelf in diskrediet brengt.

We geven niettemin graag even commentaar en weerwoord op een aantal van de vreemde redeneringen in het artikel en sturen u in bijlage de catalogus van E-Culture Fair 2010. 

 

1.     Ten eerste spreekt de auteur over mediakunst, maar de E-Culture Fair 2010 ging helemaal niet over mediakunst maar over e-cultuur. Mediakunst gaat over kunstenaars die gebruik maken van nieuwe media en e-cultuur gaat over de veranderingen in het maken, spreiden en archiveren van cultuur onder invloed van technologie en over de groeiende cross-over tussen cultuur, onderzoek en (creatieve) industrie. Een heel groot verschil! En een terminologische verwarring waardoor vele argumenten in het artikel van Vanderbeeken weinig zoden aan de dijk brengen.

2.     De E-Culture Fair 2010 had twee hoofddoelstellingen:

a. Bruggen bouwen tussen verschillende beleidsdomeinen en sectoren en sensibiliseren van overheid, praktijkmensen (makers, organisaties en bedrijven) en hogescholen voor innovatie en cross-over.
b.  Vlaamse e-cultuurprojecten tonen aan een binnen- en buitenlands publiek.

a. E-Culture Fair 2010 is inderdaad een initiatief van BAM naar het voorbeeld van onze noorderburen. In aanloop naar de fair hebben we echter doelbewust een zeer brede coalitie op gang gebracht binnen cultuur, wetenschap en creatieve industrie. Alle steunpunten binnen het domein cultuur, de hogescholen kunst en vormgeving, Mediadesk Vlaanderen, Flanders DC en het IBBT hebben actief mee gezocht naar interessante projecten die tijdens de fair konden worden getoond. Op die manier kregen we voorstellen uit zeer verschillende domeinen: kunsten, erfgoed, vormgeving, universiteiten, hogescholen en creatieve bedrijven.

Parallel aan de E-Culture Fair 2010 heeft BAM en het Departement CJSM als prelude een beleidsworkshop e-cultuur georganiseerd waaraan topambtenaren uit cultuur, onderwijs en wetenschap en innovatie uit Vlaanderen en Nederland hebben deelgenomen. Met de workshop wilden we nagaan hoe verschillende beleidsdomeinen meer kunnen samenwerken om cross-overprojecten te ondersteunen en de middelen doelgerichter kunnen inzetten.

Gezien de fair eind augustus doorging, een niet zo voor de hand liggende periode, hebben we uiteraard actief promotie gevoerd via diverse kanalen: via de steunpunten, via de kanalen van Flanders DC, via de kanalen van IBBT, CJSM... Dagelijks reed er een volle bus vanuit Brussel naar Dortmund met een bont gezelschap van kunstenaars, beleidsmensen, onderzoekers, studenten en creatieve ondernemers. Deze bus was telkens vol en in tegenstelling tot wat de heer Vanderbeeken suggereert waren er zelfs wachtlijsten. Bevraging van de bezoekers toont aan dat deelnemers zeer tevreden waren en dat ze het een eye-opener vonden.

Commentaar:
BAM ondersteunt de ontwikkeling van veld en beleid rond nieuwe vormen van kunst en cultuur. Praktijkontwikkeling is één van onze kerntaken.
BAM heeft deze fair met een brede coalitie georganiseerd en geen persoonlijk nummertje opgevoerd.
Het beleid heeft deze fair zeer positief geëvalueerd: een enorme zichtbaarheid voor zeer veel Vlaamse projecten én een vorm van sensibilisering voor alle Vlaamse bezoekers aan de fair.

b.Het stimuleren van meer zichtbaarheid in het buitenland voor Vlaamse makers en organisaties en het faciliteren van duurzame internationale relaties is één van de kerntaken van een steunpunt.

Plekken waar veel topprofessionelen vanuit de hele wereld bij elkaar komen worden daarvoor gebruikt. Theaterfestival van Avignon, biënnales van Venetië, Sao Paulo of Manifesta, Frankfurter Buchmesse, het stripfestival van Angoulème, filmfestivals van Cannes, Venetië, Toronto of San Sebastian….

Steunpunten en promotieorganisaties stimuleren makers om daaraan deel te nemen en nodigen de curatoren en festivalorganisatoren actief uit naar Vlaanderen. Daarnaast worden soms ook collectieve acties ondernomen op dergelijke events om internationale ontmoetingen te faciliteren voor Vlaamse kunstenaars en organisaties. Flanders Image presenteerde bijvoorbeeld in Cannes 2009 een publicatie rond de belangrijkste Vlaamse filmmakers met als titel 'Belgian Cinema, made in Flanders', het Vlaams Fonds der Letteren gaf de Vlaamse strip een internationaal forum door tijdens het festival van Angoulème een beurs, tentoonstelling en presentaties te organiseren, het steunpunt beeldende kunst gaf in 2005 een cd-rom uit met 50 Vlaamse beeldend kunstenaars die gepresenteerd werd op de biënnale van Venetië…

Hetzelfde kan gezegd worden van ISEA: hét jaarlijkse treffen van personen die werkzaam zijn in de cross-over tussen cultuur, onderzoek en technologie. Niet minder dan 1000 topmensen van over de hele wereld nemen eraan deel. Een ideale gelegenheid om een event te organiseren om de lokale e-cultuur internationaal te promoten en contacten en samenwerking aan te moedigen en te faciliteren.
In totaal 100 projectleiders van de 20 geselecteerde Vlaamse projecten hebben gedurende 3 dagen 1500 professionelen ontmoet, over elkaars projecten gepraat en er zeer interessante contacten aan overgehouden. Dat was de hoofddoelstelling van ECF. Alle geselecteerde projecten zijn unaniem positief over het resultaat van de fair voor hen. Een succes.

Commentaar:
BAM is tevreden als de projectleiders tevreden zijn want de fair was hoofdzakelijk bedoeld om hen een internationaal forum te bieden en dat hebben ze zoals uit hun reacties blijkt, gekregen.

 

3.     Financiering

Door de fair te organiseren met een Nederlandse en Duitse partner konden de kosten worden gedeeld. De fair was voor Vlaanderen voordelig: we konden minder financieel bijgedragen dan onze partners, maar hebben wel meer projecten kunnen afvaardigen omwille van hun hoge kwaliteit; 20 van de 43 projecten waren 'Vlaams'.

Het Vlaamse aandeel van de fair werd gefinancierd door Minister Lieten (Media) en niet door Cultuur zoals Vanderbeeken verkeerd verondersteld.

BAM ontvangt geen Europese subsidies, noch voor e-cultuur, noch voor andere projecten of domeinen, zoals Vanderbeeken opnieuw verkeerd verondersteld.

De voorbereiding, coördinatie en lokale promotie heeft BAM bekostigd door het inzetten van zijn personeel en 3 vrijwilligers/stagiaires die via die fair heel wat ervaring hebben kunnen opdoen.

IBBT en Flanders DC hebben deze fair mee financieel gesteund respectievelijk voor directe steun aan twee Vlaamse projecten en voor de communicatie en de organisatie van de dagelijkse bussen naar Dortmund en het Picnicsalon (cross-over workshop met 50-tal creatieve ondernemers en kunstenaars uit de drie landen).

De Provincie Limburg ten slotte heeft een gemeenschappelijke stand gefinancierd met studentenprojecten van verschillende hogescholen uit Vlaanderen (KASK, Howest, KHM, PHL), Nederland en NRW Duitsland. Op die manier werden ook de hogescholen gerepresenteerd en krijgt dit project ook zijn eigen vervolg. 

Commentaar:
Er is dus geen extra eurocent vanuit het Vlaamse cultuurbudget naar deze fair gegaan.
Als je bovendien input en output vergelijkt is er met absurd weinig budget een enorme output gegenereerd: een staaltje van zuinig en efficiënt financieel beleid. (Zie verslag E-Culture Fair 2010)

 

4.     Promotie

BAM heeft deze fair gepromoot onder de professionelen uit Vlaanderen, om de eerste doelstelling te bereiken. BAM, de steunpunten kunsten en erfgoed, Mediadesk Vlaanderen, Flanders DC, IBBT en de hogescholen hebben de fair mee helpen bekend maken.

We hebben enkele nieuwsbrieven uitgestuurd rond deze fair omwille van de periode waarin de e-culture fair plaatsvond (eind augustus). Uiteraard wilden we zo veel mogelijk bezoekers met de projecten laten kennismaken.

Het logo van BAM staat heel klein weergegeven, naast de vele andere logo's (16) op poster, flyer, website en aan de ingang van de fair.  


BAM promoot steeds zijn website omdat het voor buitenlandse en binnenlandse bezoekers een uitstekende poort is naar informatie over de Vlaamse kunstensector. 


In de catalogus worden alle projecten op twee pagina's gepresenteerd. Achteraan in de catalogus staat een lijst van alle individuen en organisaties die bij elk geselecteerd project betrokken zijn met hun contactgegevens. Het logo van BAM staat niet eens vooraan op de cover maar achteraan, opnieuw samen met vele andere logo's. 


Commentaar:

Het is onbegrijpelijk dat ons autopromotie verweten wordt terwijl we onze kerntaken volbrengen en ons beleidsplan uitvoeren: professionelen uit cultuur, onderzoek en onderwijs sensibiliseren voor e-cultuur via een bezoek aan de beurs en de Vlaamse kunstenaars promoten via onze website en via publicaties. 

We herhalen dat we meer dan open staan voor een gefundeerde, kritische en constructieve dialoog en dat om het even wie met commentaar, kritiek, vragen en/of twijfels over BAM te allen tijde bij ons terecht kan,

BAM

Lees ook het Recht van Antwoord door BAM in HART nr.72.
Lees het oorspronkelijk artikel van Robrecht Vanderbeeken in Hart 71 hier.